zondag 2 februari 2020

Brexit II


Voor de laatste keer hebben de Britten de deur in Brussel achter zich dichtgeslagen. De reactie van de achterblijvers en dan die van mevrouw Mairead McGuinness de voorzitter in het bijzonder, was opmerkelijk. Sore losers. 

Er is door de Brexit een cruciaal blokje uit de Brusselse Jenga-toren verdwenen. Een enkel blokje zal de toren niet doen omvallen, zal u zeggen. Niettemin is hiermee de instabiliteit en de verdeeldheid binnen de ‘unie’ vergroot. Of het algehele categorische ontkenning is geweest of het misplaatste vertrouwen voldoende vrees te hebben aangejaagd om de Britten op hun besluit te laten terugkomen, zullen we misschien nooit weten, punt is wel dat het voldongen feit een groot spectrum van reacties - in Brussel en andere Europese hoofdsteden - heeft losgemaakt, dat op flagrante wijze, het compleet gebrek aan consensus over hoe er met de Brexit dient te worden omgegaan, duidelijk maakt. 

Brullende beroepspolitici zonder enig economisch inzicht, maar niet minder machtswellustig, maken duidelijk dat ze het Verenigd Koninkrijk wel even een lesje zullen leren in de komende onderhandelingen. Met name voorzitter Charles Michel van de Europese Raad, liet daarover - schijnbaar met volledige instemming van EU-voorzitter Ursula von der Leyen - geen twijfel bestaan. Een opmerkelijke opstelling als de onderhandelingen nog moeten beginnen; alsof de EU-consumenten plots niet meer zitten te wachten op de Britse goederen en diensten en de EU niets meer naar het VK heeft te exporteren.
De Ode an die Freude-zangers, dromen rustig door, over hoe ze de stoeltjes warmhoudend, in de overtuiging dat de Britten straks alsnog het licht gaan zien.
De realisten, zoals Donald Tusk, die beargumenteert opperen dat dit pas de eerste dominosteen zou kunnen zijn, komen nauwelijks aan het woord of worden weg-gebagatelliseerd.

In Nederland laat Mark Rutte zoals gebruikelijk bij EU-kwesties zijn Januskop zien. De spagaat van Mark Rutte gedurende zijn persconferentie na de ministerraad op BrexitDay was tenenkrommend, en het gezapige ‘journaille’ - verdient het die naam nog wel ?- liet dat allemaal kritiekloos gebeuren.

Nederlands belastinggeld gaat naar economisch zwakke EU-landen, zodat deze landen Nederlandse exportproducten kunnen kopen. Denk daar eens over na Nederlandse burger. Met uw belastinggeld, financiert u uw eigen arbeidsplaats, zolang uw werkgever de winst kan afromen. Mark zegt dat pragmatische Nederlanders dat wel begrijpen…

Volgens Mark levert de immigratie een spanningsveld op tussen de ontvangende Zuidelijke en de Noordelijke EU-landen, omdat de zuidelijke landen bang zijn dat ze met die mensen waarvan ten minste 85% direct terug kan, blijven zitten. Is er dan één EU-land dat wel zit te wachten op die 85% ? Volgens Mark gaat het alleen maar mis omdat de zuidelijke EU-landen niet goed registreren…

Blijkbaar zitten er in Brussel te veel mensen Ode an die Freude te zingen, in plaats van te werken voor de Europese burgers. Hoe kan het anders dat al jarenlang bestaande problemen niet/nooit worden opgelost, geld lijken ze in Brussel nooit te kort te komen ? 

Omdat de EU hiertoe niet in staat is !

Ondanks de wil van hen die de EU als een politieke unie willen zien, kan daar ook geen sprake van zijn. De EU zou zonder een EU-grondwet helemaal niet mogen regeren c.q. beslissen over politieke kwesties. Dat zij dat wel doet komt alleen doordat de ondemocratische EU-constructie door de nationale regeringsleiders wordt gedoogt. Er wordt geregeerd op basis van internationale verdragen, niet op basis van een grondwet. Om de EU-burgers tevreden te houden, wordt het quasi democratisch gehalte in stand gehouden door Europese verkiezingen. En dan nog ! Met maar 26 Nederlandse zetels - die ook nog eens zijn verdeeld over PvdA 6, VVD 4 + D66 2, CDA 4 + CU 1 + 50PLUS 1, FVD 3 + SGP 1, GL 3 en PvdD 1 - van een totaal van 751 (nog geen 3,5% van de zetels !!)  is de invloed van Nederland in dit parlement minder dan marginaal. 

Na het NEE van de Fransen en de Nederlanders (en vergeet de Denen niet) ten aanzien van een Europese grondwet, zijn de referenda in andere landen uitgesteld, om nooit meer te worden gehouden. Een verdrag van Lissabon kwam daarvoor in de plaats, volgens Mark Rutte het Ei van Columbus; als je niet meer wil, kan je eruit. 

Hoe dat “kan je eruit” verloopt moet je eens aan de Britten vragen. En dan zijn ze nog niet klaar. 
Volgens Rutte moet een en ander nog worden uit-onderhandeld en is één jaar om dat te doen. Hij vindt dat weinig tijd, zeker omdat de Britten, zo schamperde hij, “druk bezig zijn met de voorbereidingen van een Brexit-feestje”. 
Mark schijnt te vergeten dat zijn vriend van de Belgische “VVD” in plaats van serieus de Brexit voor te bereiden, al drie jaar met zijn stuurgroep op kosten van de Europese belastingbetaler rode wijn zit te slempen.

De EU heeft niets geleerd van haar eigen beleid, noch van de Brexit. Een Verenigd Europa, gedwongen door kanonnen of door gedwongen door wetten, is een utopie. De grote verschillen in mentaliteit, identiteit, zeden en gebruiken - en dan praten we niet eens over soevereiniteit - van de verschillende Europese volken, soms - zoals met de Vlamingen en de Walen - zelfs binnen landsgrenzen, maken dat onmogelijk, zoals (daarmee samenhangend) de opgedrongen diversiteit/integratie ten aanzien van de aanzienlijke stroom immigranten onmogelijk is. 
Wanneer de EU niets meer zou zijn willen zijn dan een economische unie, zou er nog wel toekomst zijn geweest, ook al is er op dat gebied nog heel veel te regelen. Heeft u al eens een auto ge- of verkocht van/aan iemand in een ander EU-land ? Er is nog immer sprake van importeren. De EU is een economische unie, maar slechts voor bedrijven, niet voor de burgers. 

De EU, of nee, beter gezegd, Nederland, Frankrijk en Denenmarken moeten straks met het VK gaan onderhandelen, over bijvoorbeeld de visserij, want met het vertrek van de Britten, wordt het visgebied van de EU een gevoelig stuk kleiner. Of zij dat, gezien de nationale belangen, samendoen of ieder voor zich, weet ik niet. Maar als Rutte op zijn persconferentie zegt dat hier ook door de EU concessies moeten worden gedaan, maar dat andere EU-landen, zoals bijvoorbeeld Spanje dat geen direct baat heeft bij deze onderhandelingen, dit wel snappen, dan zijn de Nederlandse vissers daar waarschijnlijk veel minder gerust op. Die denken waarschijnlijk terug aan de door de EU gedwongen stopzetting van de puls-visserij – relatief kort nadat zij daarin grote investeringen hadden gedaan – omdat Frankrijk dat verlangde. 

Een illustratie. Denemarken stapte op 10 augustus 1961 in de EEG om hun agrarische export met het VK veilig te stellen. Dat was precies één dag nadat het VK was toegetreden tot de EEG. Vandaag is het aandeel van hun agrarische export als percentage van hun totale export sterk afgenomen. Hun directe buren, Zweden en Duitsland zijn hun grootste exportpartners, met op de plaatsen 3, 4 en 5; het ex-EU-land het VK, niet EU-land Noorwegen en de VS. Hoeveel van hun eigen belang zal Denemarken (zonder EU-dwang) hiervoor, ten gunste van Frankrijk en Nederland willen opgeven ? Als dat in hun ogen teveel wordt, is een Dexit niet langer ondenkbaar. 

Er is sinds 1958 toen de EEG (de voorloper van de EU) werd opgericht nog nooit werk gemaakt van een Europese financiële harmonisatie ten aanzien van minimumloon, van belastingen, belastingschalen, van pensioenen, pensioenleeftijden of pensioenstelsels, van (werkeloosheids-)uitkeringen, subsidies, toeslagen of tegemoetkomingen en dergelijke, en dat is even opmerkelijk als onvoorstelbaar. 
Het instellen van een gemeenschappelijke Europese munt, zonder een gemeenschappelijk Europees economisch en financieel beleid is je reinste onzin, en toch laten de EU-landen, die menen dat ze zonder de EU economisch redeloos verloren zijn, zich wijsmaken dat de onbegrijpelijke monetaire politiek van de ECB in ieders belang is ?!
Pragmatische Nederlanders of niet, het is onbegrijpelijk dat er iemand nog enig geloof heeft in de mythe van de EU.

Alles wat meer is dan economische samenwerking op Europese schaal, is gedoemd te mislukken. De EU ligt in coma, en wordt slechts met een miljarden kostend infuus inleven gehouden. Het wordt tijd om de stekker eruit te trekken, want de EU heeft geen toekomst. De komende tijd zal dat steeds duidelijker worden. 
Enerzijds omdat steeds meer mensen de ware aard van de EU doorzien en anderzijds doordat de meningen in de groep EU-adepten zullen gaan polariseren. Van de EU-adepten zal een deel gaan pleiten voor volledige overgave aan Brussel, het verdwijnen van nationale soevereiniteit. Het andere deel zal gaan pleiten voor een terugkeer naar een economische unie. Deze standpunten zullen uiteindelijk onverenigbaar blijken.

Niet alleen Mark Rutte heeft last van de Europese spagaat, de last die alle nationale regeringsleiders dragen, omdat zij allemaal met hetzelfde dilemma zitten opgescheept. Allemaal moeten zij in Brussel vriendelijk lachend het idee van samenwerking hooghouden, en dat iedereen daarvan profiteert. Thuis echter moeten zij uitleggen dat er weer geld bij moet. Veel burgers van de EU-landen zijn om allerlei onheuse redenen bang van een Nexit, van het idee dat de EU ophoudt te bestaan. Geïntimideerd door een financiële onheils boodschap - die lijkt op de boodschap uit 2009, de keer dat de burgers de banken moest redden, omdat zij anders hun met veel moeite bij elkaar gespaarde banktegoed zouden kwijtraken - houden zij vast aan de reling van de EU-Titanic die zijn noodlot tegemoet vaart. 

Het zal even slikken zijn voor de realisatie, maar het enige dat Europeanen gemeen hebben, is de naam van het werelddeel waarin hun land ligt, de EU is in het gunstigste geval slechts een eufemisme voor een economische koude vrede, onder het motto; Iedere natie voor zich en Brussel voor de bühne.


vrijdag 31 januari 2020

Brexit

“De EU heeft in dit spel dus de beste kaarten.” Dat is de zin waarmee Trouw haar artikel van de hand van Rob van Wijk over de Brexit van harte aanbeveelt.

Meneer De Wijk schreef al veel meer over de Brexit en over wat de burgers van Europa op het spel zetten door uit de EU te stappen, over stuurloze maatschappijen en een verpulverend midden. 

Nu de Brexit een feit is moeten de onderhandelaren van de EU aan de bak en volgens De Wijk hebben zij de betere kaarten in handen. Het stukje van De Wijk bevestigd opnieuw wat de goede verstaanders al tijden wisten; achter het voortdurende geklets over veiligheid en stabiliteit, gaat de realiteit schuil. De EU (voorheen EEG, voorheen EGKS) was, is en blijft al sinds haar oprichting een economische model, waarbij de burgers Europa-wijd slechts pionnen (lees = arbeidskrachten en consumenten) zijn in het economische machtsspel. 

Theoretisch gesproken, zou er economisch niets hoeven veranderen in de relatie die het VK heeft met de EU. De zelfde economische afspraken zouden ongewijzigd kunnen blijven bestaan. Maar dat moet je dan wel willen, en dat wil de EU niet. Zoals De Wijk het zegt, “Omdat de EU geen vrijhandelswalhalla voor de Europese kust wil, moeten de Britten zich schikken.”
Met andere woorden, de onderhandelingen zullen gestuurd worden door de EU-behoefte, het VK wel even te laten voelen wie er hier de baas is. Jij mag alleen economisch meeprofiteren van de EU, als Brussel de baas mag spelen in jouw land. En dat is precies waar landen met voldoende gevoel voor soevereiniteit een hekel aan hebben.

Gebukt onder het angstbeeld dat hun land economisch buiten de pot pist, laten nationale regeringen zich alle waanzin van Brussel welgevallen. Behalve het VK ! De Brexit benadrukt de angst van de resterende EU-landen, die bij monde van Guy Verhofstadt, met stoere taal zowel hun eigen angst voor het uiteenvallen van de EU probeert te overschreeuwen, als de EU-burgers wijs te maken dat niet het VK maar Brussel de dienst uitmaakt. 

Het is nog maar de vraag of het VK zo beroerd uit de onderhandelingen zal komen, en of het VK als (voormalig) grootste nettobetaler financieel beroerder af is met de Brexit, de tijd zal het ons leren, maar waar De Wijk en de zijnen steeds aan voorbij gaan, zijn al de niet-economische redenen om de EU uit te willen, waarbij bijvoorbeeld de immigratiepolitiek geen onbelangrijke is.

Miljarden, miljarden en nog eens miljarden kostende plannen zoals de Greendeal of een Europees leger dat vanuit Duitsland en Frankrijk steeds harder op de Brusselse achterdeur staat te kloppen en het bijna geruisloos maar gestaag wegdruppelen van de nationale soevereiniteit naar het afvoerputje in Brussel, dat te kunnen voorkomen zou mij een lieve duit waard zijn, en de Britten klaarblijkelijk ook. 

Dat de Brexit, door de opstelling van de EU economisch gezien niet zonder slag of stoot zal gaan, is wel duidelijk, en dat ook de Britten hun banken moeten redden wanneer de ECB door het onverantwoorde spitroeden lopen van Dragi en Lagarde ten aanzien van de steeds lager rentepercentages een volgende krach veroorzaken, maar verder zullen de Britten veel meer winnen dan verliezen. Al is het maar hun soevereiniteit en hun geloofwaardigheid. 



vrijdag 24 januari 2020

Schelden doet geen pijn

Zolang de mensheid bestaat, probeert de mens, angstig en onzeker van nature, zich een stabiele plaats in zijn samenleving te verwerven, teneinde zijn angst te temperen en zijn zoektocht naar geluk te kunnen aanvangen. Hierbij zal de mens zaken die hij niet (her-)kent primair proberen te ontwijken of negeren. Als negeren of ontwijken geen opties zijn, worden begrijpelijke verklaringen gezocht en wanneer deze niet worden gevonden, kan (bij-)geloof uitkomst bieden.

Na de gruwwelen van WO II, begon een periode van ongeveer zes decennia waarin door toenemende politieke stabiliteit die hand in hand ging met een groeiende welvaart. Van angst en onzekerheid leek nauwelijks nog spraken te zijn, de tolerantie, die gelijke tred hield met een groeiend gevoel van welzijn, groeide in Nederland, rond de millenniumwisseling zelfs uit tot “gedogen”. 

En toen kwam de Bankencrisis. Deze crisis deelde op globale schaal een gevoelige klap uit aan het idee dat de wereld alsmaar stabieler werd en dat de economie, snel of langzaam, altijd groeit. Daar waar dat voor de oudste generaties geen verrassing was, leidde het besef dat welvaart - met in haar kielzog geluk - en stabiliteit niet vanzelfsprekend zijn, bij de jongste generaties tot onzekerheid en soms zelfs angst.

De wereldwijd (financiële) chaos, waarin de bankencrisis de wereld dreigde mee te sleuren, moest bezworen worden. Voor regeringen wereldwijd[1] betekende dat, het cout que cout redden van de banken, het aanjagen van de economie en het beteugelen van eventuele instabiliteit. 
Voor de burgers was dit het begin van een nog immer durende periode van, financiële offers brengen, inleveren van koopkracht en de inperking van vrijheid door overheden, onder het excuus dat juist die vrijheid moet worden gewaarborgd. 

Deze, voor velen blijkbaar complexe, nieuwe realiteit heeft als een steen in een vijver, het oppervlak van de samenleving in beroering gebracht, de golven lijken nog niet tot rust te komen. Een veelheid van ontwikkelingen vraagt om maatschappelijke (her-)positionering, nieuwe ankerpunten, hetgeen door veel mensen slechts wordt teruggebracht tot het eenvoudige verschil van goed en kwaad, of zo u wilt, voor en tegen. Een afweging die vooreerst stoelt op de eigen (verslechterende) financiële situatie, en vervolgens emotioneel wordt afgerond op basis van de mening van de groep waarvoor men affiniteit voelt. Nauwelijks op kennis.

Het ontbreken van kennis c.q. van ter zake doende argumenten, weerhoudt overigens weinig mensen van het geven van commentaar. Het tegendeel lijkt eerder waar; daar waar de minst onderlegden zich overwegend uitleven in een infantiel welles-nietes, flagrante ongenuanceerdheid of hun angst en onzekerheid overschreeuwend, met schofferingen, klonten even angstige en onzekere intellectuelen bij elkaar en geven uiting aan hun ongenoegen, door bijvoorbeeld een andersdenkende een wandeling langs de snelweg te gunnen. Men mag daar niets van zeggen, omdat de andersdenkende in kwestie ooit zijn vriendin op de snelweg uit de auto heeft gezet. 

Terwijl in Den Haag, Brussel en op het VN-hoofdkwartier, de New World Order in progress is, mag het volk op Twitter en Facebook - in de EU onder regie van Brussels - hun ongenoegen uiten, ervan overtuigd dat dit een steen verlegt in de rivier. 
Veel mensen en groepen die zich onvoldoende gerepresenteerd voelen, zien in de nieuwe realiteit een mogelijkheid om zich een representatieve plaats in de samenleving te verwerven, om opgemerkt te worden; NOTICE ME ! Doe iets spraakmakends, en laat dat op Youtube, Twitter of Facebook weten en als je geen white mail supremacist bent, heb je grote kans dat je ’s avonds bij Matthijs aan tafel zit. Vanaf dat moment heb je exposure, en mag meedoen met het infantiele circus van BN’ers op de Nederlandse treurbuis.

Wanneer dit leidt tot overexposure, komt “de voordien neutrale toeschouwer” in het geweer, zich onzeker afvragend of hij door de ruimte die hij aan anderen laat – aan feministes voor wie gelijkheid inmiddels niet vergenoeg meer gaat, en menen het op letterlijke alle gebied zonder mannen te kunnen stellen, en vrouwen die dat onzin vinden of geen carrière wensen, als verraders van “de feministische kwestie” beschouwen, aan transgenders die niet voldoende zeggen te hebben aan een dames- of herentoilet, aan dames die aparte zwemtijden zonder mannen willen, aan allerhande niet-hetero’s die voor meer acceptatie steeds vaker in extremen lijken te vervallen, aan gelovigen die hun oproep tot gebed vanaf de minaret willen laten schallen - niet zelf in het gedrang komt. 


Waar de Engelse menen dat offence is taken, not given, zegt de Nederlander, schelden doet geen pijn, maar wie doet is een zwijn. Op basis daarvan zou niemand, hoe angstig en onzeker ook, zich gekwetst hoeven voelen door om het even welke uitspraak. 
Echter blijkt - met name in kringen waar men de emotionele lading belangrijker vindt dan de boodschap - gekwetstheid in toenemende mate een geaccepteerde voedingsbodem te zijn voor non-argumentatie, waarmee men discussies meent te kunnen beslechten. Dat dit bij de tegenpartij eerder leidt tot onbegrip, groeiende weerstand en zelfs tot scheldpartijen, lijkt van geen belang.
Er zijn veel meer voorbeelden te noemen dan, het willen verbieden van Zwartepiet omdat “een handjevol mensen” zich gekwetst voelt, of het moreel verplicht zijn de Greendeal uit te voeren, alleen al om de klimaatangst van jongeren te temperen, maar iedere keer als aan dit soort eisen wordt toegegeven wordt de ratio verder in het nauw gedreven, kalft de democratie verder af en valt de samenleving verder ten prooi aan de emotionele terreur van het slachtofferschap.



[1] *Over de toenemende (knellende) invloed van de EU zal ik hier niet uitwijden.

maandag 30 december 2019

Vrijheid van Meningsuiting (VvMU)

Vindt u Obelix dik ?

Zou u hem dat zeggen ? 

Het antwoord op de eerste vraag is een mening. Het moge duidelijk zijn dat in onze heersende westerse ethiek het antwoord overwegend bevestigend zal zijn, maar wees ervan overtuigd dat er mensen zijn, die het daar niet mee eens zijn. 

Het antwoord op de tweede vraag hangt primair af van de overweging; wat is het nut om tegen Obelix te zeggen dat hij dik is ?

Wanneer je de zwaarlijvigheid van Obelix ziet als een verhoogd gezondheidsrisico, is het dan je plicht hem daarop te wijzen en ligt dat anders, wanneer je vindt dat zijn zwaarlijvigheid een gevolg is van zijn onbeheerst consumptiegedrag ? 
Misschien heeft hij een ziekte/aandiening die hem zwaarlijvig maakt ?
Zou je je mond houden, omdat je bang ben Obelix te kwetsen ?

Laten we voorop stellen dat je je mening niet HOEFT te geven, maar dat neemt niet weg dat je je mening wel MAG geven, want Vrijheid van meningsuiting betekent dat je alles, ECHT ALLES, mag zeggen wat je vindt.

In onze hyper sensibele maatschappij van vandaag, waarin het wachten is op de eerste baby die bij de geboorte al zal zijn voorzien van een valhelmpje met veiligheidsbril, ellenboog-  en kniebeschermers, werkhandschoenen en veiligheidsschoenen, staat de vrijheid van meningsuiting onder druk.
Die druk komt met name van de artikelen 137c en 137d uit het Wetboek van Strafrecht (WvS) - die belediging van groepen mensen en het aanzetten tot haat, discriminatie en geweld tegen zulke groepen strafbaar stellen - en de interpretatie die mensen, meer specifiek rechters, daaraan geven.

NGO’s en de MSM zijn tegenwoordig constant bezig de mening van de massa te sturen, en waar dat niet lukt proberen politici - in Nederland én de EU - de (onwelgevallige) meningsuiting aan banden te leggen, en maken aldus (de beperking van) de Vrijheid van Meningsuiting tot een politiek instrument.

Deze toenemende politieke sturing en onderdrukking van de mening in “westerse democratieën”, meer specifiek binnen de EU, neemt inmiddels zorgelijke vormen aan. 
Bestuurders, zowel in Nederland als in Brussel, (te) vol van hun eigen gelijk, schijnen te geloven dat het volk nog immer dom genoeg is om de bijna onmerkbare overgang naar een democratuur op te merken, terwijl zij hun sturing en onderdrukking aan hen die nog tegensputteren, uitgeleggen als een maatregel ter bescherming van die zogenaamde vrijheid !

Beperken van de vrijheid van meningsuiting is onbespreekbaar, iedereen die daar voor pleit, heeft iets te verbergen.

Het politiek sturen en onderdrukken van meningen in een land is een dictatoriale dwang waarvan men in een echte democratie nog immer schande van zou moeten spreken. Indien dat al het geval is, dient te worden geconstateerd dat de heftigheid van de veroordeling, niets te maken heeft met oprecht fatsoen, maar vooral afhangt van economische c.q. politieke belangen.

Mijn zoon zei ooit; “het maakt niet uit wat ze zeggen, het is waar of het is niet waar”. Ik hoefde daar maar kort over na te denken, maar daar is alles mee gezegd.


zaterdag 14 december 2019

Een communist, een dromer of een visionair; een gedachte-experiment.

Sinds jaar en dag probeer ik mensen uit hun vaak beperkte denkraam (box ?) te gooien, onder andere door ze met utopische (?) ideeën te bestoken. Hoe kleiner het denkraam, des te groter de oppositie en tevens bloemrijker mijn typering, waarvan dromer, communist of ecoloog de meest vriendelijke zijn.

Wat mij betreft is het hele idee ter zake werken en daarvoor geld verdienen zijn doel ver voorbijgeschoten. Het idee dat geld een “beloning” is voor je uitgevoerde werk is als uitgangspunt al verkeerd. Geld is een ruilmiddel, bedacht om te voorzien in een leemte welke ontstond op het moment dat een mens een dienst verleende, welke niet tegen een verlangde wederdienst kon worden uitgewisseld, ervan uitgaande dat deze dienst niet onverschuldigd werd verleend.

Geld is tegenwoordig doel, in plaats van middel.
Slechts een handje vol mensen wordt slapend rijk en al lijkt stelen (met name onder politici ?) in toenemende mate populair te worden, voor de meeste hardwerkende consumenten is werken vaak de enige manier om dat geld te verzamelen en zelfs dan verdienen ze (in het Rijke Westen), doorgaans meer dan zij voor hun primaire levensbehoeften (primair volgens Maslov, niet volgens henzelf !) nodig hebben.

Het verbaast mij dan ook hogelijk, dat mijn opmerking dat mensen niet voor hun plezier werken, altijd een stortvloed van tegenwerpingen oplevert. Het duurt meestal even voor ik kan verduidelijken dat “met plezier werken” niet hetzelfde is als “voor je plezier werken”. De kans dat het gros van de hardwerkende consumenten stopt met werken als er geen salaris meer tegenover staat, is derhalve niet denkbeeldig.
Het heersende, maar volgens mij ernstig verouderde arbeidsethos “wie niet werkt, zal ook niet eten”, houdt de hardwerkende consument op de been, en maakt tegelijkertijd dat hij zich misprijzend uitlaat over werkelozen (uitkeringstrekkers !). “Voor wat hoort wat”, dus als je niet werkt, ook geen geld (basisinkomen). Men schijnt te vergeten dat artikel 23 van de UVRM gaat over het recht op werk, niet de plicht !

Terwijl “financiële markten” de winsten steeds afromen, maken “politici” de hardwerkende consument wijs dat deze nog harder moeten werken in banen die er niet altijd zijn. Tegelijkertijd lukt het de “marketinggoeroe’s” nog steeds om met weer nieuwe modellen smart-phones, tabletten of andere hebbedingetjes, de hardwerkende consument het geld uit de zak te kloppen. Alle drie onder het motto, de Economische Groei moet bevorderd worden !

De huidige - internationale/globale - maatschappij houdt met schier toenemend fanatisme (rücksichtslos ?) vast aan het economische - kapitalistische - model zoals dat tegenwoordig in veel landen wordt toegepast. Het model is gebaseerd op het idee dat je met hard werk veel geld verdient en met dat toenemende geld, steeds meer kan besteden. Voor de instandhouding van dit model is echter “een constante (lees = oneindige) economische groei” noodzakelijk. En zie daar de - nog immer onuitgesproken – onvermijdelijke feilbaarheid van het model ! Op basis van economische wetmatigheden, zoals “het grensnut” zal op enige moment het aanbod de vraag overstijgen of indien dit eerder het geval is, zullen grondstoffen schaarser worden of zelfs opraken, waardoor groei structureel afneemt en uiteindelijk stopt. Optimisten maken zichzelf wijs dat je steeds kunt blijven innoveren en echte dromers blijven vertrouwen op een (tijdige ?) 'technische oplossing'. Punt blijft dat met de huidige stand van zaken, oneindige groei onmogelijk is !

Dat is niet alleen voor de meeste politici, CEO’s, bankiers en niet te vergeten alle beurshandelaren, “vloeken in de kerk”, want wat hen betreft geldt; Après nous la déluge !

Indien de hardwerkende consument er al enige gedachten over zou hebben, dan zal voor hem het idee, (noodzakelijker wijs) een ander - nieuw en globaal - economisch model te moeten kiezen nog copernicaanser zijn, dan het idee van een basisinkomen, dat naast zaken als herverdeling van arbeid (voor hen die dat wensen) in een dergelijk nieuw model eveneens gemeend goed zou moeten zijn. 

Ik zal het hier voorlopig bij laten, want voor mijn gedachte-experiment “het afschaffen van geld” is het waarschijnlijk nog iets te vroeg ?



donderdag 12 december 2019

De waanzin regeert.


De waanzin regeert, hetzij in mijn eigen hoofd, hetzij in de politiek, hetzij in de maatschappij. 

Ik moet me dagelijks afvragen of ik niet steeds verder van de realiteit afdrijf, of de realiteit van mij. Pubers die gezamenlijk iemand in elkaar slaan, of gezamenlijk op rooftocht gaan, gesubsidieerde moordadviezen aan kinderen door moslims, een treitervlogger die zegt zich te hebben bekeerd en smalend lacht om zijn ooit door de rechter verlangde maar o zo ongemeende excuus, een gemeenteraadslid met een aandachtstoornis, dat zich bedreigt voelt door zwartepieten, waarop twaalf man, oeps ! Twaalf mens van de toch al overbelaste hoofdstedelijke politie komt opdagen, de inmiddels (schijnbaar ?) dagelijkse steekpartijen of de bijna even zo frequente politici in opspraak. Ben ik de enige die dat abnormaal blijft vinden ?

De regering, onze inmiddels nationale farce majeur, met premier Pinokkio (iemand die als hij van de economische voorspoed van Nederland spreekt, niet schijnt te begrijpen dat je kunt verdrinken in water van gemiddeld één centimeter diep) aan het hoofd, heeft geen tijd zich dingen af te vragen, druk als hij/zij is met vliegen, liegen en bedriegen. Er lijkt in Den Haag - om over Brussel maar niet te spreken ! - eerder sprake van een wedstrijd; “wie kan zich met de minste inspanning, in de korts mogelijke tijd, het meest verrijken, over de rug van de belastingbetaler”, dan van regeren. En dat bijna kamerbreed. 

De politieke correctheid is van de politiek, waar hij verdwenen lijkt, overgeslagen op de deugers. Zij houden daarmee het maatschappelijk debat in een wurggreep. Een discussie kan niet meer worden gevoerd, de minste kritiek wordt door deugers af geserveerd met even politiek correcte als onheuse gemeenplaatsen of dito kwalificaties die vaak betrekking hebben op de periode van Nazi-Duitsland. Ad hominems en andere drogredenen zijn gemeengoed, en daarmee verwijden deze zichzelf als verbinders typerende lieden, voortdurend de kloof met hun criticasters. 

Deugers zijn mensen die te weinig aan zichzelf hebben, zich onvoldoende gezien voelen en zich daarom graag maatschappelijk wensen te manifesteren, de sociale media lopen er van over. Het zijn overwegend wannabe’s die zich opwerpen voor de belangen van andere personen, groepen of denkbeelden, waarbij het van geen enkel belang is dat ze vaak niet namens of in het werkelijke belang van de betrokkene(n) spreken. Het zijn mensen die menen aan de goede kant van de geschiedenis te staan omdat zij de juiste mening hebben, zoals ‘feministes’ die, de mening van de huisvrouwen ten spijt, vinden dat alle vrouwen een glazen plafond moeten doorbreken, behalve als je dat doet op een congres van het Forum voor Democratie. Of BN’ers die allemaal oproepen een asielzoeker in huis te nemen, maar nog steeds hun zolder niet hebben verbouwd. Of mensen die menen dat je om de aarde te redden geen kernenergie mag gebruiken, maar geen probleem hebben met milieuvervuilende wieken van windmolens of accu’s van “groene” auto’s die vol zitten met zware metalen, liever vieze stroom van een bruinkoolcentrale uit het buitenland importeren, dan de schonere stroom uit eigen land gebruiken en gemakshalve de uitstoot van biomassacentrales niet meetellen voor hun carbon footprint. 
Ze worden gedreven door een verlangen zich te manifesteren; Notice me !” Zie mij staan ! Ik ben een individu, mijn mening (hoe dwaas ook) telt ! Mogelijk kiezen zij voor wat zij de maatschappelijke underdogs achten, omdat ze hierin hun eigen marginaliteit herkennen en wellicht geloven zij dat zij met het verheffen van de underdog tegelijk hun eigen marginaliteit kunnen ontstijgen.

Het is niet eens de hoge mate van gepreoccupeerde starheid, maar het hen ontbreken van argumenten, die discussiëren met een deuger onmogelijk maakt.

Deugers verkrampen door hun gedrag meer en meer de maatschappij. Het begon in de tijd dat conferenciers zeiden, uit respect voor moslims, geen grappen meer te willen maken over de profeet. Uiteraard was dit geen willen, maar durven, geen respect maar angst, voor een fatwa. Daarmee was het deughek van de (Amster-) Dam en is het gebruik van het woord respect in de meeste gevallen volledig inhoudsloos, een stopwoordje, geworden.
Onderwerpen die niet per se met elkaar te maken hebben, zijn sindsdien op de grote deug-hoop gegooid en wee degene die hierop kritiek durft te leveren. Deug-politici die zeggen de democratie, de vrijheid en de vrijheid van meningsuiting te willen beschermen, laten geen mogelijkheid ongebruikt, om de deug-gedachten te verheerlijken en tegelijkertijd  kritiek, desnoods met wetgeving, te smoren, hierbij gesteund door de trouwe deug-lakeien van de MSM.

Het welkom dat de nog ongeboren omroepvereniging Ongehoord Nederland momenteel wordt bereid is exemplarisch. Terwijl een loot van het zuiverste democratische water tot wasdom komt, haasten allerlei misofone deugers, de zelfbenoemde beschermers van het wens-kaartenhuis, zich uit hun safe space om de nieuwe omroep, hun medewerkers en hun (al dan niet politieke) aanhangers, te verketteren, te marginaliseren, te breken in de knop, Een betere rechtvaardiging voor de oprichting kun je, dunkt mij, niet bedenken, al moeten we door schijnbaar willekeurig ingrijpen van de minister, misschien nog een jaar wachten om gehoord te worden.   


Laten wij onszelf echter niets wijsmaken. Het is utopisch te hopen dat, ook door brede berichtgeving, er bij een verkiezingen ooit een opkomst van 100% zal zijn, zoals het ook utopisch is te veronderstellen dat ooit 100% van de kiezers zal stemmen op inhoud, maar ik vermoed en ik veronderstel dat de keuze van een deel van de slechts 42% die zegt wel op inhoud te stemmen, anders zal uitvallen, wanneer zij minder eenzijdig wordt geïnformeerd. Ik veronderstel ook dat een deel van de overige 58% ook op inhoud zal gaan stemmen en ik veronderstel zelfs dat een deel van de huidige niet-stemmers, op basis van de keerzijde van de medaille, wel zullen gaan stemmen en dat zal nodig zijn als we de waanzin willen terugdringen.

Veronderstellen dat je de waanzin ooit geheel uitbant is eveneens utopisch, want steeds wanneer de idealen van wereldverbeteraars vervagen, zij gecorrumpeerd worden door macht en zij hun waan tot dogma’s verheffen, zal de waanzin steeds opnieuw regeren. 




zondag 1 december 2019

Primair Politiek Profileren

Door het ontstaan van nieuwe maatschappelijke en mondiale problemen, leek door het ‘lenen’ van elkaars stokpaardjes de scheidlijn links/rechts in het politieke landschap te vervagen. Nu de claims op de diverse onderwerpen zijn uitgesproken en de standpunten zijn bepaald, is deze lijn weer helemaal terug.
Toen ik onlangs cynisch opmerkte, dat ik door de enorme ruk naar links, waarmee de VVD voorbij het midden is geschoten, zonder te bewegen, verworden ben tot een rechtsextremist, was dat vooral een reactie op de kwalificaties die op Twitter mijn deel waren. Vooral in het “linkse” kamp lijkt “als je niet met ons bent, ben je tegen ons” opgeld te doen en van nuance is geen enkele sprake meer. “Links” bedient zich van wat ik maar noem; primair politiek profileren. Ben je het slechts met één van de onderstaande beweringen niet eens; 

Zwartepiet is racisme,
Trump deugt in geen geval,
Dierenwelzijn mag ondergeschikt zijn als er ritueel geslacht moet worden,
Immigratie is een noodzaak,
De islam heeft niets met terrorisme te maken,
Brussel moet de soevereiniteit van de lidstaten overnemen,
Alle asielzoekers moeten blijven,
Nederland moet van het gas af,
De Nederlandse veestapel moet gehalveerd worden,
Menselijk ingrijpen kan de vermeende opwarming van de aarde beïnvloeden,
Kraken is een plicht,
De azan moet vanaf ieder moskee kunnen schallen,
Daders zijn slachtoffers,
Israël is de agressor,
De belasting moet omhoog om uitkeringen te betalen,
“Minderheden” moet je positief discrimineren,
Er moeten vrouwen- of minderheden-quota gelden,
De islam en homo’s gaan prima samen,
De EU is een must en mag wat kosten,
Het boerka-verbod is vrouwendiscriminatie,
De ombouw naar bio-massa-centrales mag miljarden kosten,
Er is naast de man en de vrouw nog een derde en eventueel een vierde, vijfde en zesde sekse,
De politie moet naar hartenlust kunnen iftaren,
De NOS levert een gebalanceerde, neutrale berichtgeving,
Het is goed dat internationale (EU) verdragen nationale wetgeving buitenspel zetten, 

dan ben je extreemrechts, “de vijand”, is een discussie niet mogelijk en zijn niet-inhoudelijke kwalificaties overwegend je deel. Ene Jaap neigde om “zo’n vies snorretje op het scherm te tekenen”.
Je bent voor “links” naar keuze een racist, een fascist, een klimaatontkenner, een boze witte man, een combinatie van verschillende van de voorgaande mogelijkheden of alles tegelijk.

Mocht u nog twijfelen, ik ben het met alle van de voorgaande beweringen oneens.